Soms ben je gewoon niet de goede persoon op de juiste plaats. Zoals ik nu, op een camping aan de kust in Montenegro; het “Salou” voor de Oost-Europese medemens…. Om de regen te ontvluchten hebben we wat eerder dan de bedoeling was het mooie Durmitor-gebergte verlaten en zijn we na een dag rijden (nee, de afstand was niet zo groot, maar met hevige regen over kleine bergweggetjes rijden gaat gewoon niet zo snel) hier terecht gekomen. Het mooiste moet nog komen; ook hier hebben we de tent in de regen op moeten zetten (weergoden, give us a break!). Maar ondertussen is de lucht alweer aardig opgeklaard en de zongebruinde huid van de mensen om mij heen doet vermoeden dat het hier niet al te vaak regent.
Maar wat doe je als je de omgeving (en misschien de mensen in je omgeving nog meer) even wilt vergeten? Juist ja, lekker koken en eten! Dus we hebben de barbecue weer aangestoken en er een heerlijk ribstuk op gebraden.
450 g ribkarbonade (één stuk)
Bos verse tijm
1 teen knoflook fijngesneden
Peper en zout
Olijfolie
Vraag de slager om een ribkarbonade af te snijden van circa 450 gram (dat is echt veel lekkerder dan twee losse karbonades, zoals ze in de vitrine klaar liggen). Ik heb het gekruid met tijm omdat ik nog (véél) verse tijm had, maar rozemarijn kan natuurlijk ook.
Houd een bosje tijm apart. Rits van de rest de blaadjes van de steeltjes. Meng olie, tijmblaadjes en knoflook. Wrijf de karbonade in met peper en zout, leg in de marinade en laat zeker een half uur marineren. Steek ondertussen de barbecue aan. Leg, wanneer deze goed heet is, de karbonade erop. Onze barbecue heeft een deksel en wij deden die erop (goed tegen de vlammen, maar laat wel de gaten in de deksel en in de onderkant van de barbecue (afhankelijk van hoe heet de barbecue is geheel/gedeeltelijk) open, zodat de zuurstof er goed doorheen kan trekken). Keer om de 5 minuten de karbonade om en kwast steeds met het achtergehouden bosje tijm weer wat marinade op het vlees. Bij ons was de karbonaden na 20 minuten perfect. Wij aten hem met gepofte aardappelen en een groene salade.
Ps. Het zware gesnurk van onze Poolse buurman gaf de doorslag, de volgende dag zijn we doorgereden en vonden we een heel leuk zonovergoten campinkje, waar we aan een (koud) stroompje, op een steenworp van de zee en onder de vijgen- en manderijnbomen een mooi plekje voor onze tent hebben gevonden!