Oost west, thuis best. Ammehoela, Helemaal niet!
Ik ben weer thuis en precies om die reden ben ik al sinds een dag voor de tocht huiswaarts niet meer te genieten! Het is niet zo dat ik het thuis niet naar mijn zin heb. Ik heb een leuk huis, leuke baan (hoop ik tenminste, aangezien ik over 5 dagen aan mijn nieuwe baan begin), leuke vrienden en in tegenstelling tot op vakantie een fatsoenlijk fornuis met oven, keukenmachine en alle kruiden die mijn hartje begeren. Alleen op vakantie (kamperen wel te verstaan, bij andere vakanties heb ik dit soort anti-heimwee niet) zijn is zó fijn! En dan wil ik dus niet terug naar huis. Dit is trouwens al zolang als ik mij kan herinneren het geval. Naar het schijnt ben ik na mijn eerste kampeervakantie (ik was 2 jaar oud) bij thuiskomst uit protest nog een uur in de auto blijven zitten, waarna ik al stampvoetend naar mijn kamer ben gegaan, want; “Ik wil niet naar huis!”
Dus vandaag doen we net alsof we nog op vakantie zijn, ik zet mijn campinggaz-fornuisje in de tuin (onder een paraplu…) en maak één van mijn vakantie-toppers: Coq au vin.
Neem vooral de moeite niet om langs te komen. Ik ben er niet, mijn hoofd is nog op vakantie en opruimen kan ook best morgen…
Coq au vin (4 personen)
4 grote kippenpoten of 4 losse drumsticks en 4 losse kippendijen
½ fles rode wijn
2 laurierblaadjes
2 takjes tijm
125 g spekblokjes
20 g boter
10 sjalotten gepeld, grote exemplaren gehalveerd
250 g champignons grote exemplaren gehalveerd
Scheutje olie
2 el bloem
500 ml kippenbouillon
50 ml cognac
1 tl tomatenpuree
Wrijf de stukken kip in met peper en zout en leg ze samen met de tijm en laurier in een niet-metalen schaal en schenk hier de rode wijn op. Dek de schaal af en zet een nacht in de koelkast.
Leg de spekblokjes in een schaaltje en schenk hier kokend water op. Laat dit 1 minuut staan en laat de blokjes uitlekken en dep droog. Bak de blokjes in enkele minuten goudbruin. Neem ze uit de pan. Smelt de helft van de boter in dezelfde pan en bak hierin de sjalotten in 8 minuten goudbruin. Neem de sjalotten uit de pan en de rest van de boter toe aan de pan. Bak hierin de champignons met wat peper en zout gedurende 5 minuten. Haal ook de champignons uit de pan.
Laat de stukken kip uitlekken en dep droog. Verhit een drupje olie in de pan (dit laat ik vaak weg, aangezien de stukken kip vaak vrij vet zijn. Als de stukken erg vet zijn, snijd/knip ik ook vaak wat vet weg) en braad de stukken kip in porties in circa 10 minuten rondom bruin. Haal de stukken kip uit de pan en voeg de bloem aan de pan toe. Bak de bloem een minuutje. Voeg de cognac toe en vervolgens de bouillon. Roer alle aanbaksels goed los. Voeg de marinade, kip, champignons, spek, sjalotten en tomatenpuree toe. Laat het geheel op laag vuur met deksel op de pan 45 minuten zachtjes pruttelen.
Indien de saus nu nog wat dun is, maak in een pannetje een roetje; smelt een klontje boter in de pan en voeg wat bloem toe. Laat dit een minuutje zachtjes bakken. Voeg dit roetje al roerende toe aan de saus en laat de saus al roerende nog enkele minuten zachtjes koken tot deze de gewenste dikte heeft bereikt.
Serveer met lekker brood.